Stichting Mijn Eigen Thuis is een maatschappelijke non-profit organisatie en heeft om die reden de ANBI status gekregen. Stichting Mijn Eigen Thuis stelt middelen beschikbaar voor het inhuren van professionele ondersteuning tijdens de realisatie van zelfstandige woonvormen. Daarnaast organiseren we diverse bijeenkomsten en fungeren we als kennisbank voor de sector.

March 25, 2019

December 6, 2018

April 26, 2018

Please reload

Recent Posts

Gezocht: bijzonder woonconcept met zorg!

October 15, 2019

1/1
Please reload

Featured Posts

Rapport net als thuis

April 26, 2018

Mensen met een (fysieke, verstandelijke, psychische en/of zintuigelijke) beperking die hulp
en ondersteuning nodig hebben, geven er vaak de voorkeur aan om ‘zo gewoon mogelijk’
te wonen: kleinschalig, in een gewone woonwijk, waar zij zoveel mogelijk zelf de regie over
hun leven kunnen voeren (Voss et al. 2017). Om dit te realiseren nemen ouders van jongvolwassenen
kinderen met een beperking soms het initiatief om zelf een woonvorm voor
een kleine groep op te zetten en te beheren. Maar welke ouders doen dat en voor wie, en
hoe vergaat het hun op de langere termijn? Die vraag is relevant omdat in de participatiesamenleving
initiatieven van burgers zoals deze goed passen, maar het anderzijds de vraag
is wie hier wel en niet in slagen en waardoor.
In dit kwalitatieve onderzoek verkennen we initiatieven voor kleinschalig wonen die zijn
opgericht door of op initiatief van ouders met het doel ‘een eigen thuis’ te creëren waar
hun kind ‘zelfstandig kan wonen’ als alternatief voor het ouderlijk huis of een zorginstelling.
1 Het gaat dan om een (meestal) kleinschalige woonsituatie waarin een groep
bewoners die zorg en/of ondersteuning nodig hebben vanwege een beperking, op een
of meerdere adressen dicht bij elkaar wonen en gezamenlijk hun zorg en ondersteuning
inkopen en organiseren. De bewoners hebben eigen appartementen of kamers en beschikken
over een gemeenschappelijke ruimte waarin groepsactiviteiten plaatsvinden (koken,
sociaal contact, begeleiding). De zorg wordt vaak (deels) collectief ingekocht met een persoonsgebonden
budget (pgb), maar er zijn ook initiatieven met zorg in natura. We noemen
dit ouderinitiatieven, waarbij we doelen op door ouders opgerichte en beheerde woonvormen
voor hun kinderen met beperkingen. Onder de bredere term ‘wooninitiatieven’ vallen
ook vergelijkbare kleinschalige woonvormen met een ‘verdienmodel’, zoals de Thomashuizen
of woonvormen die door een zorgondernemer zijn opgezet. Het onderscheid tussen
ouderinitiatieven en andere wooninitiatieven is niet altijd scherp te maken.2
Het kleinschalig wonen past goed bij het beleid van de overheid dat mensen zo lang
mogelijk thuis moeten kunnen blijven wonen, met ondersteuning van het sociale en zorgnetwerk.
Kleinschalig wonen past beter bij de behoeften van deze tijd dan wonen in een
instelling (tk 2012/2013). Hoeveel ouderinitiatieven er inmiddels bestaan is niet bekend,
maar geschat wordt dat het zeker om een paar honderd gaat. Op het totaal aantal mensen
met een beperking dat intramurale zorg gebruikt, gaat het over een betrekkelijk kleine
groep.
Er is wel eerder onderzoek gedaan naar wooninitiatieven, maar dat stamt uit de tijd van
voor de hervormingen in de langdurige zorg (cvz 2006; Dijk et al. 2011; mee et al. 2014). Met
dit onderzoek beogen we een actueel beeld te schetsen van de ouderinitiatieven, meer
zicht te krijgen op de redenen van hun oprichting en wat nodig is voor hun voortbestaan.
De nadruk ligt op het perspectief van de ouders/initiatiefnemers maar we kijken ook naar
(de interactie met) andere actoren zoals zorgaanbieders. De hoofdvraag van dit onderzoek is:
Wat zijn de succesfactoren voor het oprichten en voortbestaan van een wooninitiatief, en hoe kunnen deze initiatieven ondersteund worden?

Het complete onderzoek kunt u hier vinden.

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload

Please reload

Archive